September 2013

Spelen op de kalkovens

De kalkovens rond 1970
De kalkovens rond 1970

‘Bijna mijn halve jeugd heb ik versleten op de kalkovens. Dat geldt ook voor mijn moeder (Trientje van Dijken 1901-1990) en ook voor mijn twee zonen, Piet en Bram.

De kalkovens zijn in 1876 gebouwd. Ze zijn genoemd naar de Indonesische vulkaan Merapie. Eppo Roelf Wigboldus bouwde de ovens. In 1889 nam zijn broer Roelf Roelfs Wigboldus de zaak over. Zijn zoon Harm Hillinus Wigboldus nam het in 1919 weer over. In 1979 werd de productie gestopt omdat de grotere schepen voor aan- en afvoer niet meer door het Damsterdiep konden.

In de ovens werd van schelpen kalk gebrand. Onderin de ovens werd stro gedaan waar bovenop de schelpen werden gestort. In de ovengaten werden ‘stoet-turven’ gedaan, langwerpige turven. Iedere oven had drie pijpen waarin de turf werd gedaan. Waren alle gaten vol, dan werden ze aangestoken. Door het branden vielen de schelpen uit elkaar. Dit werd gezeefd, waardoor de kalk overbleef. De ongebluste kalk werd gebruikt als soort kunstmest voor op het land. Ook werd de kalk verwerkt tot witterskalk waarmee de binnenmuren van de kelders en de bedsteden werden wit gekalkt. Dat gebeurde meestal in het voorjaar. Alles rook dan weer lekker fris. Van de kalk werd ook metselkalk gemaakt.
In de tijd van mijn moeder vormden de kalkovens een kleine gemeenschap, een klein dorp op zich. Er stonden ook meer woningen dan nu. Voor aan de weg stond de pannenloods. Die staat er al lang niet meer. In de tijd van mijn moeder was het achterste deel van deze loods een woning. Later werd dit een schaftkeet. Liep je vanaf deze loods rondom de kalkovens (tegen de klok in) dan zag je een tweede woning die vanaf het kalkoventerrein net te zien was. Verder doorlopend om de ovens heen stond weer een woning. Deze woning was in gebruik als schuur voor een aantal koeien. Die waren van De Vries, de baas van de kalkovens. Zijn huis kwam je tegen als je bijna helemaal rondom de ovens was gelopen en weer bij de weg en het Damsterdiep kwam. Deze woning is in 1935 afgebroken. Toen is het fietspad langs de Rijksweg N 360 aangelegd. Het huis waar nu Van der Giezen woont, is later gebouwd. Daar heeft De Vries eerst gewoond. Ook stond er nog een dubbele woning. Die heeft er nog lange tijd gestaan. En verder was er nog het grote tolhuis. Daar woonde in de tijd van mijn moeder kantonnier Dijkema met zijn gezin. In het tolhuis heeft ook de familie Willem Slagter gewoond. Ook het tolhuis is afgebroken voor de aanleg van het fietspad.

Ik speelde veel met de meisjes van De Vries, Diena, Lammie, Lieze en Johanna. We speelden verstoppertje en buiske lopen over de buizen van de ovens of tikkertje op de buizen. Als de schelpenzuiger was geweest zochten we de mooiste schelpen.’

Deel deze pagina...
Tweet about this on TwitterShare on FacebookShare on LinkedInShare on Google+Email this to someone

2 Reacties

  1. Wat een prachtig verhaal! Maar waar ik nou nog benieuwd naar ben: mevr. Schaaphok meldt wel dat in de loop der jaren allerlei huizen in de buurt van de kalkovens zijn afgebroken, maar over het afbreken van de kalkovens zelf rept ze niet. Ze zijn in 1979 buiten gebruik gesteld, en ik vermóed afgebroken want ik kan er op het internet verder niets van vinden, maar misschien kijk/zoek ik niet goed. Maar mijn vraag is dus zijn ze inderdaad afgebroken, zo ja wanneer en waarom? Wellicht stonden ze ook in de weg voor de vele weg- en waterwerken-aanpassingen die hier hebben plaatsgevonden? Is er nog strijd geweest om ze te behouden als monument? Wellicht was restauratie te kostbaar?

  2. henk
    juli 23
    Beantwoord

    De kalkovens staan er nog steeds. Ze zijn een rijksmonument en zijn na het stoppen van de productie verbouwd tot één woning.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *